FAT100: Hoe Radiohead onaantastbaar blijft

1088
radiohead persfoto

Als je het over goeie livebands hebt kun je niet om Radiohead heen. Nadat Creep de wereld overging bevestigden ze hun kunnen met hun tweede album The Bends, om vervolgens hun reputatie te vergrendelen met het wereldwijd geliefde en onmiskenbaar invloedrijke OK Computer. Hoewel de eerste drie albums al stilistisch van elkaar afweken deed de 180-graden draai die ze met Kid A maakten zelfs de meest avontuurlijke fantast nog zijn mond openvallen. En hoewel geen album daarna meer net zo’n radicale verandering van stijl was blijft Radiohead tot op de dag van vandaag door en door divers, uniek en veelzijdig.

Hoe baan je je bij zo’n band door al die jaren aan liveoptredens? Want vergelijkbaar met hun vrijgevigheid in het delen van hun muziek, is Radiohead het afgelopen jaar dat ook met opnames van hun optredens geweest. Om hun fans de lockdowns door te laten komen begonnen ze deze ook zelf op YouTube te zetten. Wordt het niet één grote bende, met die stilistische u-bochten, om die decennialange carrière naar een performance te vertalen, kun je je dan afvragen. Allerminst. Keer op keer bleek Radiohead in staat te zijn hun glansrijke carrière op magistrale wijzen ook naar festivals te vertalen. In dit artikel zal ik met voorbeelden uit de laatste twintig jaar uitleggen waarom Radiohead zo uniek is in zijn soort.

1.  Vernieuwing en artistieke ontwikkeling

In de periode van OK Computer en Kid A bleek Radiohead in staat zichzelf keer op keer radicaal te vernieuwen. En ondanks alle stillistische metamorfoses weten ze toch te behouden wat hen als band zo aantrekkelijk maakt. In de vertaalslag naar hun liveperformances weet Radiohead al jaren een balans te blijven vinden tussen klassiekers en vernieuwing. Ze hielden altijd ruimte voor de klassiekers die hen bij het grote publiek zo geliefd maakten en wisten dit altijd fijntjes te verweven met hun nieuwste artistieke exploraties.

Laten we op eigen bodem beginnen; in 2001 zette Radiohead een fantastische show weg bij ons eiger Pinkpop. Na het uitbrengen van Kid A en Amnesiac was plek vinden voor hun artistieke ontwikkeling van enorm belang. Schijnbaar zonder moeite stellen ze een setlist samen met ruimte voor het “oude” dat hun groot maakte, en het experimentele gewaagde nieuwe dat voor hun vereeuwiging zorgde, met nummers als ‘Idioteque’, ‘Everything in Its Right Place’ en ‘Paranoid Android’.

De versie van ‘Paranoid Android’ hierboven is legendarisch. Van de intro waarin Thom Yorke zichzelf vergelijkt met Limp Bizkit (die traden op dezelfde dag op), tot de outro waarin hij de longen uit z’n lijf schreeuwt. De complexiteit vraagt veel van de bandleden, zelfs dus ook dat sommigen van hen mid-nummer van instrument wisselen. Op een gegeven moment switcht Jonny Greenwood van gitaar naar synthesizer. Dat is niet alleen een teken van artistieke veelzijdigheid, maar ook een mooi symbolisch beeld voor de band als geheel. Nooit bang om hun oude instrumenten neer te leggen en nieuwe op te pakken.

2. Radioheads persoonlijkheid

Naast hun artistieke impact lijken de bandleden van Radiohead ook—zij het bewust of onbewust—haast op boybandachtige wijze hun eigen persoonlijkheden over te brengen in hun optredens. En als je als groep inmiddels al een paar decennia meegaat schept dat toch een band met je publiek. Iedereen die Radiohead volgt is bekend met de weelderige lokken van Jonny Greenwood die hij op en neer flappert als los gaat op z’n gitaar. Bij Phil Selway, wie zich altijd zo op zijn drumpatronen concentreert, spat het zweet altijd van hem af. Of de blikken op Colin Greenwoods gezicht die aan een kind in een snoepwinkel doen denken. En natuurlijk zijn de engelachtige background vocals van Ed O’Brien niet te vergeten!

Het beste, en meest bekende voorbeeld hiervan is natuurlijk Thom Yorkes neiging om te dansen. Met name bij de nummers waar hij z’n handen vrij heeft flappert hij vaak in het rond. Nummers die opbouwen in intensiteit en dan plots in een climax uitbarsten zijn hier vaak goeie voorbeelden van, zoals ‘Sit Down, Stand Up’ en ‘The Gloaming’. Het voorbeeld hierboven is onvergetelijk, en de rest van het optreden maakt het ook sowieso tot één van hun beste performances.

3. De muzikale virtuositeit van Radiohead

Daarnaast heeft de band ook simpelweg een onuitputtelijke lading aan muzikale virtuositeit in huis. Bijna elk lid houdt er gewaardeerde soloalbums op na. Om niet eens te spreken over de gevierde carrière van Jonny Greenwood als componist van film scores! De band beschikt over een ongelofelijk solide backbone met Phil Selway, die altijd strak in de maat drumt. En Colin Greenwood die al hun nummers voorziet van slick en steady basloopjes. Ed O’Brien wordt niet voor niets weleens “Radiohead’s secret weapon” genoemd, en voorman Thom Yorke wisselt met het grootste gemak tussen gitaar, piano of synthesizer. En dat zonder ook maar iets in te leveren als het op zijn unieke en karakteristieke zangkunsten aankomt.

Iemand die misschien wel het meest keer op keer versteld doet staan is Jonny Greenwood. Er is werkelijk geen instrument waar hij voor wegkijkt. Ook op zijn vaste instrument, de gitaar, houdt hij er een geniale speelstijl op na. Op Bonnaroo in 2006 weet hij het zelfs voor elkaar te spelen om tijdens ‘Street Spirit (Fade Out)’ niet alleen in een nummer tussen instrumenten te switchen, maar er zelfs meerdere tegelijk te bespelen. Een normale band zou iemand extra vragen om met hen mee te spelen, maar waarom die moeite doen als je een Jonny Greenwood hebt!

4. Wendbaarheid

Met zo’n lange staat van dienst neemt de kans logischerwijs toe dat er een moment komt waarop een band hun minste werk levert. Zo bleek ook Radiohead volgens velen niet feilbaar. Na vanaf de jaren 90 al zulke hoogtes bereikt te hebben, worden ze met de release van The King Of Limbs toch weer van hun voetstuk gestoten. Desondanks deed dit nauwelijks iets af aan hun kunnen als liveband. De band bleef tijdens de tour die gepaard ging aan de release van het album fier achter hun keuzes staan en kwamen met fantastische performances van hun nieuwe nummers.

Zo gingen ze tegen welk kritiek dan ook in om te laten zien waarin de kracht van deze nummers school. Ondanks dat men niet altijd even lovend was over hun nieuwe album, boette de band live niks in. Door hun fans te lokken met het oude en vertrouwde haalden ze hen vervolgens toch om om het nieuwe te omarmen. Hiermee toont de band zich na al die jaren nog steeds wendbaar. Zo steekt Radiohead zelfs op z’n mindere momenten nog met kop en schouders boven de meeste uit. Geloof je me niet? Oordeel zelf bij het fragment hierboven van hun optreden op Coachella in 2012.

5. Setlists

Ten slotte heeft zo’n lange carrière natuurlijk ook één groot voordeel. Daardoor heeft de band altijd meer dan genoeg materiaal om uit te kiezen voor hun setlists. Hun setlist in vroegere jaren leken door gebrek aan materiaal doorgaans relatief veel op elkaar. Maar in recentere jaren heeft de band genoeg materiaal om uit te kiezen om hier steeds meer variatie in aan te brengen, en soms ook onverwachts uit te hoek te komen.

Zo kan ik me nog goed het moment herinneren toen ik de band zelf voor het laatst zag. Op de releasetour van A Moon Shaped Pool in 2016 speelde ze plotseling voor het eerst in jaren ‘My Iron Lung’, één van mijn favoriete nummers. Je kunt je voorstellen hoe hoog ik van enthousiasme de lucht insprong toen ze de intro begonnen te spelen. Maar goed, ik dwaal af. Misschien kun je dit vijfde punt beter zelf ervaren dan uitgelegd krijgen. Aanschouw in het fragment hierboven een optreden uit hetzelfde jaar; van ‘2+2=5’ tot en met ‘Identikit’, zes nummers, vijf verschillende albums, en alléén maar hoogtepunten.

Of kies elk ander deel van dit of de andere optredens hierboven, het is allemaal fantastisch. Of kijk alles van begin tot eind, net als ik. Er zijn wat live muziek betreft op het moment weinig betere manieren om je tijd te vullen.

Festivalacts Top 100 Aller Tijden

Normaal organiseert Festileaks jaarlijks de competitie Festivalacts Top 100: de lijst met de beste festivalacts van de afgelopen zomer. Omdat er afgelopen jaar zo weinig te festivallen viel, trakteren we op een extra grote editie van de FAT 100. Festileaks countert die festivaldip met de Festivalacts Top 100 Aller Tijden.

De stemperiode liep van maandag 18 tot en met woensdag 27 januari. Op vrijdag 29 januari wordt de winnaar bekend. Een dag later, op zaterdag 30 januari tussen 15:00 en 18:00, delen we tijdens een speciale Festivalacts Top 100 uitzending op KINK Indie de rest van de lijst.

Eerdere winnaars van de FAT100 zijn Arcade Fire (2014), Muse (2015), De Staat (2016), Radiohead (2017), Pearl Jam (2018) en The National (2019).